De Batak
Noord Sumatra is het thuisland van de Bataks. De Bataks
worden onderverdeeld in 6 stammen. Dit zijn de zijn de Karo-,
Toba-, Simalungung-, Pakpak-, Angkola-, en de Mandailing
Batak. De stammen hebben elk hun eigen dialekt en gebruiken.
Elke Batakstam (marga) bestaat uit meerdere hechte clans
(huta) die afstammen van een enkele mannelijke voorouder.
Zorgvuldig is men in het bijhouden van de genealogieën
die moeten bepalen welke status iemand heeft. Van welke
clan men lid is hangt af van de vader.
De Batak gelden als een van de meest trotse bevolkingsgroepen
van de republiek. Tegelijk hebben ze minder moeite met het
zich aanpassen aan de moderne tijd dan de
meeste andere volkeren van Indonesië. De Batak zijn
een van de meest ondernemende bevolkingsgroepen van de archipel.
Vooral in het transport, het toerisme en het leger bekleden
ze hoge posities. Nasution en Mochtar Lubis zijn bijvoorbeeld
Batak.
Geschiedenis
Oorspronkelijk woonden de Batak in het laagland van de
Himalaya en boven-Birma. Ongeveer 1500 jaar geleden werden
ze daar verdreven en vestigden ze zich in Sumatra. De Batak
trokken vrijwel direkt door naar de hogergelegen delen van
het eiland, daar dit landschap het meest weg had van het
land van hun voorouders. Toch hadden ze contact met de bewoners
van de lagergelegen kustgebieden, waarvan ze onder andere
de natte rijstcultuur overnamen. Gevangen tussen twee Islamitische
volkeren, de Acheërs
en de Minangkabau,
leidden de Batak tot de komst van de Nederlanderseen geïsoleerd
bestaan. Het waren de tochten die de befaamde natuurvorser
F.W. Junghuhn in 1840-1841 in dit gebied ondernam waardoor
de Batak voor het eerst enige bekendheid kregen. Omstreeks
het midden van de 19de eeuw kwamen de Batak onder de invloed
van de islam en het christendom. Het waren Nederlandse en
Duitse missionarissen van de Rheinische Mission die de Batak
tot het christendom bekeerden, waarmee een einde kwam aan
hun eeuwenoude animisme en kannibalisme. Het kannibalisme
heeft bij de Batak zeer lang stand gehouden. Toch was het
nog rond de eeuwwisseling rumoerig in de Bataklanden en
waren de hier wonende stammen nog allerminst aan het Nederlands
gezag onderworpen. Het geluk was aan de kant van de Batak
toen overste van Daalen die tijdens zijn campagne van 1904
in de Gayo en Alas landen geen tijd bleek te hebben ook
de Bataklanden op zijn hardhandige manier te pacificeren.
Doordat de overste in Alasland vernam dat van Heutz naar
's Gravenhage was ontboden, en begreep dat dit betekende
dat zijn baas Gouverneur-Generaal zou worden en hijzelf
zijn opvolger, haastte hij zich terug naar Kota Radja om
zijn mededingers voor te zijn.
Religie
Voor de Batak is de ziel, die ze tondi noemen, het wezenlijkste
deel van mens, dier en plant. Wanneer de tondi het lichaam
verlaat zal ziekte en rampspoed volgen. Tussen de scheppingsverhalen
van de verschillende volken bestaan duidelijke overeenkomsten.
Zo kennen de Dajak en de Batak een boven-, midden- en onderwereld.
De Batak hangen tegenwoordig voor het merendeel het christendom
aan en zijn overwegend protestant. Veel Noordelijke Batak
zijn echter animisten gebleven, en de Mandailing hangen
tegenwoordig het Islamitische geloof aan.
Architectuur
De hutas (dorpen waarin een clan woont) bestaan uit een
lange straat waarlangs verschillende grote rumah adats,
rijstschuren en gebouwen als gemeenschapshuizen staan. Vanwege
de constante staat van oorlog waarin de dorpen zich vroeger
bevonden, worden ze omgeven door een aarden wal, pallisades
en een ondoordringbare bamboehaag. Bij de entree van een
Batakdorp vindt je meestal de partukhoan, een openlucht
vergaderruimte, waarin stenen tafels en stoelen staan. Hier
werd vergadert en recht gesproken. De huizen van de Batak,
die jabu worden genoemd, zijn gebouwd van pekkihout, een
soort dennehout. De lengte van de huizen is ongeveer 18
meter. Voor de bouw van de huizen gebruikt men geen spijkers,
maar touw en houten pennen. Ze staan op palen en worden
bekroond door een aan beide uiteinden steil oprijzend dak.
Matten en gordijnen delen de ruimte in het huis op in afzonderlijke
ruimtes voor de families die het huis bewonen. In de dorpen
staat vrijwel altijd een reusachtige waringin, die door
de Batak als de levensboom wordt gezien. Deze bomen werden
op belangrijke gebeurtenissen geplant, zoals de stichting
van het dorp of het overlijden van het clan-hoofd.
| bonapasogit.nl |
   |
| Website van de Vereniging
van Batak stammen in Europa. Veel info en foto's van
de Batak en hun cultuur en van de bezienswaardigheden
in het gebied van de Batak |
De Toba Batak
 Het
Tobameer,
de meest populaire vakantiebestemming op Sumatra, ligt in
het centrum van de Bataklanden. Het midden in het meer gelegen
Samosireiland is waarschijnlijk de plek waar de eerste Batak
zich vestigden na hun komst in Sumatra. Het wordt in elk
geval door alle stammen gezien als de plek waar de voorouders
vandaan gekomen zijn. Ze beschouwen Si Raja Batak als de
gemeenschappelijke voorvader. De rond het tobameer wonende
Toba-Batakstam is de grootste van de 6 verschillende Batakstammen
en wordt beschouwd als de meest pure Batakstam.
Karobatak
De Karo Batak leven ten noorden van het Tobameer. Hun hoofdstad
is Brastagi,
dat een goed uitgangspunt is voor een bezoek aan de Karo Bataklanden
Gebruiken
Karo Batak kunnen niet met iemand trouwen die dezelfde
familienaam draagt. Wel met iemand van een andere stam.
Bij begrafenissen worden de mensen op een zelf uitgekozen
stukje land begraven. Zolang dit tenminste op eigen terrein
is. Als de mensen 'oud' zijn worden ze twee keer begraven.
Het tweede graf ligt meestal bovenop een heuvel (dicht bij
de hemel). Men is oud wanneer hun zoon en dochter een kind
hebben. Bij zo'n begrafenis wordt er -afhankelijk van de
status- één tot vijf dagen muziek gemaakt,
gedanst en gegeten.
Architectuur
De bouw van de huizen heeft te maken met de eerbied die
de Karo Batak hebben voor drie goden. Het huis wordt boven
de grond gebouwd uit eerbied voor de god van de landbouw.
Het huis zelf is voor de god van alle andere spullen, en
het dak is voor de god van de zon, sterren en het weer.
Aan deze goden wordt elke keer respect betoond bij het binnentreden
en verlaten van het huis. Als je bij binnenkomst de langste
bamboestok van de ladder vastpakt, respecteer je hiermee
de hoogste god. De ingang van het huis is zo laag gemaakt
dat je moet buigen om naar binnen te kunnen, zodat je de
middelste god niet schoffeert. Om de laagste god te respecteren
pak je bij het afdalen van de ladder de korte bamboe stok.
In een karobatakhuis wonen verschillende families samen.
De woonvertrekken zijn niet door muren gescheiden, maar
iedereen weet welk deel van het huis aan welke familie toebehoort.
Er moet toestemming gevraagd worden om het deel van het
huis van een andere familie betreden. Ook zijn er strikte
regels tussen aangetrouwde familieleden, bijvoorbeeld tussen
schoonmoeder en schoonzoon. Het is onder andere verboden
elkaar direkt te adresseren, zodat ze zich tot een pan of
een pilaar richten als ze met elkaar praten. Tegenwoordig
slapen de jonge jongens in de rijstschuur van het Karo Batak
huis voor wat meer privacy.
de Mandailing Batak
De Mandailing van Tapanuli is de enige Batakstam die de
islam aanhangt. Ze staan toe dat jongeren voor het huwelijk
sexuele ervaring op doen, de geslachtsdaad inbegrepen. De
traditie van de 'markusip' (letterlijk fluisteren) getrouw
fluisteren jonge mannen hun verlangens door de kieren van
de kamer waarin de uitverkorene zich bevindt.
Ontmoet de Batak met Travelmarker Reizen
| tmreizen.nl |
  |
| Maak kennis met de Batak
tijdens een zeer bijzondere rondreis met privé-chauffeur
van Travelmarker Reizen. |
|