De nomaden van Midden-Sumatra
De Kubu leven in de ontoegankelijke regenwouden van Midden-Sumatra.
Ze zijn de nazaten van de oorspronkelijke bewoners van het
Sunda-gebied en een verre verwant van de Vedda's van Sri
Lanka. Ze worden tot de oudste mensenrassen gerekend.
Hoewel vele Kubu de laatste jaren opgenomen zijn in de Maleise
bevolking van de oostkust, zijn er nog altijd groepen die
net als hun voorouders een nomadenbestaan leiden, en leven
van de jacht en visvangst. De Kubu beschouwen zichzelf als
deel van het regenwoud. Ze eten wat het woud hen biedt,
bosvruchten, bladeren, ratten, slangen, vis en schaaldieren.
Gejaagd wordt met een speer of blaaspijp. Pijl en boog zijn
de Kubu onbekend. Op de tijger wordt geen jacht gemaakt,
daar de Kubu deze als heilig beschouwen. Landbouw wordt
niet of nauwelijks bedreven, men leeft van wat men in het
regenwoud aantreft. De Kubu ruilen wilde honing tegen speerpunten,
tabak en andere levensbehoeften waarin ze zelf niet kunnen
voorzien. Hoewel de Kubu ook vissen, zijn ze als de dood
voor water. Lichaamsverzorging geschiedt door met een stok
het vuil van het lichaam te krabben, en elkaar te ontluizen.
Als iemand sterft, of wanneer er een ziekte uitbreekt binnen
de groep, wordt onmiddelijk van de plaats des onheils vertrokken,
en op een andere plek in het regenwoud een nieuw kamp opgeslagen.
 |
|
|