De omgeving van Gorontalo
Ten westen van de oude haven, tussen Bongo en Pohe, ligt
het niet al te aantrekkelijke kiezelstrand pantai
Indah. Hier bevindt zich ook een steen met een gigantische
voetafdruk, waarvan de bevolking gelooft dat het
door de voorouders achtergelaten is. Vanaf het centrum is
het 5 km rijden. Ten oosten van de stad liggen een aantal
betere strandjes, zoals Pasir Putih.
Tapa
In dit dorpje, gelegen op 7 km ten noorden van de stad,
wordt het traditionele krawang-borduurwerk
vervaardigd.
Het Limbotomeer
Het Limbotomeer heeft in de regentijd een oppervlakte van
5600 hectare en een diepte van gemiddeld 2 m. Doordat het
meer zo ondiep is, kan de temperatuur van het water soms
hoger liggen als dat van de lucht. Het meer is een belangrijk
waterreservoir voor het omringende akkerland. Net als het
Tempemeer in Zuid-Sulawesi verkeert ook dit meer in de laatste
stadia van zijn bestaan. Het slibt langzaam dicht als gevolg
van erosie, een proces dat in de afgelopen decennia door ontbossing
versneld is. In het weekend gaan de Gorontalezen hier picknicken.
In de dorpjes rond het meer kun je een prauw huren. Ga niet
zwemmen of wandelen bij het meer, er heerst schistosomiasis
(bilharzia).
Bij Batudaa, in de uiterste westpunt van het Limbotomeer,
en tussen Dahualolo (13 km) en Ulapato (11 km) langs de
noordelijke oever van het meer liggen warme bronnen.
Vanaf Dahualolo heb je een prachtig uitzicht over het meer.
In deze dorpjes kun je een prauw huren voor een tochtje
over het meer.
Het interessantste is echter de zuidelijke oever. Bij het
dorp Iluta, 8 km ten westen van Gorontalo, ligt Fort Otanaha.
Benteng Otanaha
Fort Otanaha is in 1525 jaar geleden gebouwd door plaatselijke
vorsten en nog niet zo lang geleden gerestaureerd. Als metselspecie
werd een mengsel van zand, kalk en eieren van de maleo gebruikt.
Via een ruim 350 treden tellende trap kom je bij de boogvormige
toegangspoort van de hoofdvesting aan. Vanaf de massieve
muren van Otanaha heb je een prachtig uitzicht over het
meer en de omliggende heuvels. Je kunt je goed voorstellen
dat de lokale vorsten zich op deze hoogte veilig waanden.
Iets lager liggen nog 2 bastions, Otahiya en Ulupahu, welke
je via een betonnen pad vanaf de hoofdvesting kunt bereiken.
Voettocht van Panipi via Kayubulan naar Gorontalo
Drie km verder naar het westen ligt het dorp Panipi. Hiervandaan
loopt een duidelijk voetpad over de bergen naar zee. Als
je dit pad een km bent gevolgd, zie je rechts een aantal
natuurlijke douches in een kloof, een goede plek om
een bad te nemen. Na 4 km verder geklommen te zijn ga je
de bergrug (550 m) over. Hier vlakbij ligt de gua ular (slangengrot)
die zonder gids onmogelijk te vinden is. Het is nog maar
de vraag of een gids je erheen wil brengen, aangezien de
lokale bevolking gelooft dat er ilmu hitam (zwarte magie)
heerst. Vlak nadat je de bergrug bent over gegaan verruil
je het magnifieke panorama over het Limbotomeer voor een
even indrukwekkend vergezicht over zee. Het is nu nog ruim
2 uur afdalen naar het strand ter hoogte van het gehucht
Kayubulan. Halverwege deze afdaling is er een vork waarbij
je de mist in kunt gaan. Hou hier links. Vanaf Kayubulan
is het nog 4 uur lopen door de heuvels achter het strand
naar Gorontalo. Waarschijnlijk is dit traject inmiddels
berijdbaar voor bemo's. Als je geen zin meer hebt in lopen
kun je ook een bootje naar Gorontalo charteren.
Voettocht van Dulamajo naar Bongohulawa
Vanaf Gorontalo kun je met een gecharterd busje in 1,5
uur Dulamajo bereiken. Misschien is dit gehucht inmiddels
per openbaar vervoer bereikbaar. Vanaf Dulamajo kun je met
een gids in 6 uur door het regenwoud naar het plaatsje Bongohulawa
lopen, waarvandaan busjes naar Limboto en verder naar Gorontalo
rijden.
Naar de westelijke toegang van het Nationale Park Dumoga-Bone
Hoewel de meeste toeristen het park vanuit Kotamobagu bezoeken,
kun je het park ook bij Lombango, iets ten oosten van Gorontalo,
binnengaan. Rechtstreekse busjes van Gorontalo naar Lombango
rijden buiten het weekend zelden en kosten 800 rp. Je kunt
ook vanaf terminal Sentral een busje nemen naar Suwawa (700
rp. 30 min) en het laatste stuk lopen. Vanaf de markt van
Suwawa blijf je de weg volgen. Nadat je een poortje door
bent gegaan ga je een bruggetje over. Blijf het pad langs
de rivier volgen. Na 500 m ga je links een bruggetje over
en hou je de rivier aan je rechterhand. 500 m verder ga
je op de T-splitsing naar rechts de asfaltweg op. Na 1 km
over het asfalt te hebben gelopen ga je op de splitsing
naar links. Dit wordt aangegeven door het bord `obyek wisata
pemandian Lombango'. Na 500 m kom je dan bij het PHPA-kantoor
van het nationale park Dumoga Bone aan, waar je je moet
melden en een gids en voor een gering bedrag een permit
kunt regelen. Beiden zijn verplicht als je een tocht door
het park wilt maken. Een gids kost 3500 rp per uur of 17.500
rp per dag. Vanaf de PHPA-post is het 1 km lopen naar het
obyek wisata Lombango.
Obyek Wisata Lombango
Het regenwoud dat je hier ziet is de westgrens van het
reservaat. In het reservaat kun je met enig geluk de anoa,
babiroesa, phyton, maleo, kera (zwarte makaak), en tangkasi
(Tarsius Spectrum of spookdiertje) zien. Bij Lombango ligt
een zwembad dat gevoed wordt door een warme bron.
Je kunt hier dagelijks tot 17.00 uur zwemmen. Helaas wordt
het bad nogal verwaarloosd, en staat er doordeweeks meestal
geen water in. Het water van de bron is overigens lauwwarm,
en niet heet.
Op 3 km vanaf het zwembad ligt een 15 m hoge waterval.
Het pad erheen gaat door mooi regenwoud en is goed beloopbaar.
Je moet wel een aantal smalle stroompjes door, dus natte
voeten worden gegarandeerd.
Verder naar het oosten
Vanaf Lombango kun je in een uur met een minibus Tulabola
bereiken, waar ook een PHPA-post is. Vanaf Tulabola is het
10 uur lopen naar kampung Pinogu in de vlakte van Bawagio.
De tocht voert door drassig laaglandregenwoud en langs broedplaatsen
van de maleo. Na een uur bereik je Hungojono. Vlakbij
dit gehucht liggen broedplaatsen van de maleo, een warme
bron en kalksteengrotten. Vanaf Pinogu, waar ook een PHPA-post
ligt, is het mogelijk via de sungai Melito en de sungai
Taludaa in 2 dagen naar Taludaa aan de zuidkust te lopen,
waarvandaan af en toe bootjes naar Gorontalo vertrekken.
Een uur voor Taludaa passeer je een 35 m hoge waterval.
Je kunt ook vanuit Pinogu naar het in het oosten gelegen
Bone-gebergte lopen. Vanaf een 1500 m hoge pas in dit gebergte
kun je de sungai Milangodaa naar Negerilama aan de zuidkust
volgen. Trek voor deze tocht minstens 2 dagen uit. Voor
beide tochten vanaf Pinogu heb je een goede conditie, een
gids en proviand nodig.
Van Gorontalo naar Kotamobagu
Wanneer je uitstapt in kleine plaatsjes langs de route
kun je vervolgens alleen gebruik maken van korte bemo-verbindingen.
De lange afstandsbussen tussen Gorontalo en Kotamobagu of
Manado zitten vaak vol en pikken onderweg dus zelden iemand
op.
Op een klein uur rijden vanaf Gorontalo passeer je een
panoramapunt en zie je de eilandjes voor de kust
van Kwandang liggen. Zestig km na Gorontalo gaat de weg
naar rechts richting Manado en rechtdoor richting pelabuhan
(haven) Kwandang, die 3 km verderop ligt.
|