Het middelpunt van de geschiedenis
Java behoort tot de oudst bewoonde gebieden op aarde. Binnen
de republiek is Java het belangrijkste eiland. Dit is het
gedurende de hele geschiedenis van Indonesië geweest. Al
duizend jaar lang wisselden grote rijken als Mataram en
Majapahit elkaar af, en het was op Java dat de Nederlanders
uiteindelijk hun machtscentrum vestigden.
Het koninkrijk Mataram
Het eerste grote Javaanse koninkrijk was het Hindurijk
Mataram, dat in de 8e eeuw haar bloeiperiode kende. Dit
rijk bouwde de tempels op het Diengplateau.
Het rijk van Mataram kreeg rond 780 concurrentie van de
boeddhistische Sailendra dynastie, de bouwers van de Borubudur.
Het Hindoeïsme was echter nog bij lange na niet dood, iets
dat we kunnen aflezen uit de bouw van de tempels op de Prambananvlakte.
In de 11e eeuw komt met de invasie van het Sumatraanse rijk
Sriwijaya een definitief einde aan het Mataramse rijk.
Majapahit
Sriwijaya werd echter weer aangevallen door de Legendarische
koning Airlangga, die vervolgens het grootste deel van Java
en Bali
beheerste. Vanaf dat moment zou de geschiedenis van
beide eilanden nauw verwoven blijven. Voor de Javaan is
Airlangga de rechtvaardige koning, de Ratu Adil. Airlangga
verdeelde zijn rijk tussen zijn zonen. Nu waren er twee
rijken, Kediri en Janggala.
In de 13e eeuw kwam echter het Majapahitrijk op, dat het
grootste hindoe-javaanse koninkrijk zou worden. Voor het
eerst werd de handel onder controle gebracht, waardoor vooral
de overzeese handel opbloeide. De beroemde eerste minister
van dit rijk was Gajah Mada. Na zijn dood begon het verval
van het rijk. Solo
en Jogja
zijn de laatste overblijfselen van dit rijk.
 De
komst van de Nederlanders
Niet de Nederlanders maar de Portugezen waren de eerste
Europeanen die, op jacht naar de kostbare specerijen, aanmeerden
te Sunda Kelapa. Deze haven van het Hindoe-koninkrijk Pajajaran
lag op de plek van het huidige Jakarta.
De Portugezen mochten er in 1522 een fort bouwen ter controle
van de peperhandel. Na de verovering van het portugese fort
door de islamitische prins Fatahillah uit het koninkrijk
Banten op 22 juni 1527 ging de vesting Djajakerta (overwinning)
heten.
Toen de Nederlanders in 1598 aankwamen opereerden ze in
eerste instantie vanuit Banten. Toen ze hun macht in de
Indonesische archipel begonnen uit te breiden, ontstond
behoefte aan een centraal gelegen bestruurscentrum. Gouverneur-generaal
Coen koos Djajakarta als de centrum voor de handel van de
VOC in Azië. Na een verbitterde strijd met de door de Engelsen
gesteunde prins Sriwijaya nam Coen de vesting in 1619 definitief
in, en herdoopte het Batavia. In een rap tempo ontwikkelde
de kleine vesting zich tot de metropool van Nederlands-Indië.
Na 1700 echter kreeg de VOC een aantal zware tegenslagen
te verduren. De marktprijzen daalden, en de massamoord op
de Chinezen in 1740 had een reeks oorlogen tot gevolg die
de handel grotendeels lam legde. De VOC ging uiteindelijk
aan corruptie en concurrentie tenonder en maakte plaats
voor Nederlands-Indië.
Lees hier
meer over de Geschiedenis van Jakarta
Het Engelse interregnum
Gouverneur van het eiland in de Britse tussentijd, die
van 1811 tot 1816 duurde, was Sir Stamford Raffles, de stichter
van Singapore. Zijn lijvig boekwerk `The history of Java'
getuigt van zijn grote liefde voor het eiland. Raffles'
boek was het eerste standaardwerk over de geschiedenis en
de cultuur van het eiland. In zijn ijver een systeem door
te voeren dat de desabewoner tot de enige rechtmatige eigenaar
of pachter van de grond zou maken beging Raffles net als
Daendels de vergissing onvoldoende rekening te houden met
de trots en traditionele rechten van de vorsten en de even
traditionele eerbied van diezelfde desabewoner tegenover
zijn vorst. In diens ogen was de vorst een rechtstreekse
afstammeling van de met de goden verwante Hindoe-Javaanse
koningen uit een ver verleden. De vorst was goddelijk, en
tot aan het einde van de vorige eeuw kwam het voor dat stukjes
grond op het platteland, waar de vorst van Solo of Jogyakarta
hadden gestaan of gezeten, met een hek werden afgezet en
voor iedereen taboe verklaard werden.
Het cultuurstelsel
Na het vertrek van de Engelsen namen de Nederlanders de
draad weer op. Om de kolonie winstgevend te maken werd het
cultuurstelsel ingevoerd. Voortaan moest de Javaanse boer
op een vijfde deel van zijn land gewassen voor het gouvernement
verbouwen. Gouverneur-generaal Van den Bosch gaf zijn ambtenaren
uitvoerige instructies mee omtrent de wijze waarop met de
regenten en andere inlandse hoofden omgegaan moest worden.
Wat dat betreft had men een les geleerd van de Java-oorlog.
De oorzaak van dit conflict lag aan het niet-rekening houden
met de gevoeligheden en de trots van de Javaanse adel. De
adellijke inheemse gouvernementsdienaren kregen een ruim
traktement en ontvingen daarnaast een deel van de oogstopbrengst.
Belangrijk was ook dat hun functie erfelijk werd. Zo lukte
het de Nederlanders zich definitief te verzekeren van de
zo broodnodige steun van de inlandse vorsten.
 Voor
de tweede wereldoorlog kwamen op Java de Indonesische intelligensia
in aktie door verschillende politieke en niet politieke
partijen op te richten. De meest charismatische Indonesische
leider was Sukarno, de eerste president van de republiek.
Hij kreeg vanwege zijn politieke activiteiten diverse malen
huisarrest en werd ook verbannen naar strafkampen ver buiten
Java
Politionele acties
Tijdens de onafhankelijkheidsoorlog was Java het middelpunt
van de strijd tegen de Nederlanders. Op 17 en 18 juli 1947
werd in de Nederlandse ministerraad de beslissing genomen
operatie 'Produkt' ten uitvoer te brengen. Deze operatie
was erop gericht die gedeelten van Java te veroveren waar
de belangrijkste rijstvelden, plantages en fabrieken lagen.
| members.chello.nl/h.westerhof |
  |
| Een zeer uitgebreide collectie
foto's gemaakt door een Nederlands militair tijdens
diens verblijf op Java in de periode 1947-1950 |
Bezoek Java met Travelmarker Reizen
| tmreizen.nl |
  |
| Bezoek Java tijdens zeer
bijzondere bouwstenen met privé-chauffeur van
Travelmarker Reizen. |
|