Varen door het rijk van Insulinde
In de Indonesische archipel zullen de meeste reizigers
vroeg of laat het water op moeten. Daar waar wegen ontbreken
of slecht zijn -en dat is nogal eens het geval- worden kustplaatsen
door scheepjes met elkaar verbonden. Het transportsysteem
tussen de eilanden is dan ook vrij uitgebreid. De meeste
passagiersschepen zijn primitieve houten schepen, die totaal
ongeschikt zijn voor mensen die gesteld zijn op comfort
en schoon sanitair. Ze zijn over het algemeen zonder enige
logica gebouwd. Ben je groter dan 1,50 m, dan zal je de
hele reis nergens rechtop kunnen staan. Slapen doe je gewoon
op het dek, maar op de meeste boten kun je voor wat privacy
tegen bijbetaling een slaapplaats in een meestal benauwde
en krappe cabine regelen. Zorg voor voldoende proviand tijdens
de overtocht, en hou er rekening mee dat een tocht altijd
langer duurt dan verwacht.
Vergeet het reizen op dit soort schepen als je snel last
van zeeziekte hebt. Veiligheid staat over het algemeen bij
kleine maatschappijtjes niet voorop. De boten worden te
zwaar beladen met vracht en hebben geen reddingsvesten of
radio aan boord. Een aantal boten dat de zeeën rond Indonesië
bevaart, had allang uit de vaart genomen moeten worden als
veiligheidsvoorschriften serieus zouden worden genomen.
Voor de verwende of angstige reiziger zijn de Pelni-schepen
een uitkomst, en dan natuurlijk vooral de eerste-klas cabines.
Hou er rekening mee dat Pelni's dochtermaatschappij Perintis
gebruik maakt van houten schepen, die voor wat betreft comfort
en veiligheid niet te vergelijken zijn met de Pelni-schepen.
Op de meeste Perintis-boten is plaats voor 400 passagiers.
De Pelni-lijn
 De
staatsmaatschappij Pelni (Pelayaran Nasional Indonesia)
is de enige maatschappij die volwaardige passagiersschepen
in de vaart heeft, alhoewel ook deze organisatie het met
het maximum aantal passagiers niet altijd even nauw neemt.
Pelni onderhoudt een groot aantal verbindingen tussen de
Indonesische eilanden. De schepen zijn bijna allemaal robuuste
stalen oceaanreuzen van Duitse makelij.
Hoewel er tussen de oudere en nieuwste schepen wel wat verschil
zit, zijn ze over het algemeen comfortabel en snel en een
uitstekend alternatief voor vliegen. Veel eilanden die Pelni
aandoet, hebben niet eens een vliegveld, zodat een bootreis
vaak de enige mogelijkheid is er te komen. De schepen varen
elk een 14-daagse route. De belangrijkere havens worden
door meerdere schepen aangedaan, zodat je verzekerd bent
van frequent vervoer in allerlei richtingen.
De verschillende klassen
Het goedkoopste ticket (economy) geeft recht op een plek
in een slaapzaal. De prijs hiervan is ongeveer een vijfde
van de prijs van een vliegticket. In de slaapzaal bakent
iedereen zijn domein af, en het kan er erg vol zijn. Je
kunt voor een klein bedrag een matrasje huren, maar deze
zijn vaak schaars. Alternatief is dan een overnachting op
het dek. De vierde klas is bijna 2 keer zo duur als economy-klasse,
maar hiervoor krijg je een bed, een douche en een kluis
in een 8-persoons hut. De maaltijden worden in een eetzaal
geserveerd, en zijn beduidend beter dan het eten van de
economy-klasse. Een derde-klas kaartje, welke gemiddeld
een kwart duurder is dan een vierde-klas kaartje, geeft
recht op een bed in een 6-persoonshut. Weer 30 procent duurder
is de tweede klasse, een hut voor 4 personen.
Wanneer je een eerste-klas kaartje voor een Pelni-boot koopt,
wat je recht geeft op een bed in een luxe 2-persoonshut,
ben je gemiddeld zo'n 20 tot 25 procent goedkoper uit als
vliegen. De 1e klas-kamers van de Pelni-schepen zijn, hoewel
klein, absoluut de moeite waard. Je betaalt bijna 4 keer
zoveel als voor een economy-ticket, maar je krijgt er wel
wat voor terug. Bureau en kast, tv, bedden met leeslampjes,
toilet, goede warmwaterdouche en 3 uitstekende maaltijden
in het 1e klas-restaurant (maaltijden zijn ook bij de andere
klassen inclusief, maar iets minder goed). Vooral voor echtparen
(getrouwd of ongetrouwd) is deze klasse uiterst geschikt.
Anders wordt je namelijk gescheiden, tenzij je economy (slaapzaal)
neemt. Het is overigens ook mogelijk je aan boord tegen
betaling te laten upgraden als er nog plaats is. Af en toe
geeft Pelni 25 procent korting op de prijzen voor de 1e
en 2e klas tickets, vraag hier dus naar.
Tijdens feestdagen zoals Idul Fitri, kan het wel eens moeilijk
zijn om van de ene naar de andere plaats te reizen. Eerste-klas
hutten, die normaal altijd verkrijgbaar zijn, zijn voor
die periode meestal ruim van tevoren volgeboekt. Hou er
rekening mee dat zakkenrollers actief zijn wanneer de Pelni
ergens aanlegt.
De routes van de Pelni-schepen
Jaarlijks geeft Pelni een brochure uit waarop de routes
en vertrekdata van de verschillende schepen staan. Dit schema
wordt meestal in de loop van het jaar gewijzigd omdat Pelni
er nieuwe schepen bij krijgt, of er een schip vanwege pech
uitvalt. Ga dus altijd langs het Pelni-kantoor (de vaarschema's
hangen meestal buiten bij de ingang) of een lokaal reisbureautje
voor de laatste informatie.
| pelni.co.id |
 |
| Clickable map waarvanaf je
de dienstroosters van alle Pelnihavens kunt opvragen.
De makers van de site hebben Flash gebruikt, maar vergeten
de bestandsgrootte te beperken. Dit is pas dikke stroop
! De engelse versie is nog niet live, dus voorlopig
zul je je in het Indonesisch moeten redden, hetgeen
bij een timetable niet zo'n probleem is. |
verslag van een Pelni reis
Veerboten
 De
ASDP (Angkutan sungai, danau dan penyeberangan) is de overkoepelende
organisatie voor de veerboten die de Indonesische wateren
bevaren. Ze hebben in verschillende steden kantoortjes,
waar je tickets en informatie kunt halen. Er zijn onder
andere veerdiensten tussen Sumatra en Java, Java en Bali,
Bali en Lombok, Lombok en Flores, Pagimana (Midden-Sulawesi)
en Gorontalo (Noord-Sulawesi), Bira en Pamatata op Selayar
(Zuid-Sulawesi) en tussen Bajowe/Watampone (Zuid-Sulawesi)
naar Kolaka (Zuidoost-Sulawesi).
Vrachtboten
 Het
is mogelijk om tegen betaling met vrachtschepen mee te varen.
Deze varen de meest uiteenlopende routes. Meestal kun je
in de haven bij de havenpolitie inlichtingen inwinnen over
welk vrachtschip waarheen vertrekt. Noteer de naam van het
schip en de rederij en ga hiermee naar het kantoor van de
kepala pelabuhan, de havenmeester. Hij moet voor de permit
(dispensara) zorgen, waarvoor je niets hoeft te betalen.
Hiermee ga je uiteindelijk naar de kapitein van het schip
waarmee je een prijs voor de tocht afspreekt. Spreek ook
af dat je deze pas bij aankomst betaalt. Hou rekening met
een zeer avontuurlijke, en dus weinig comfortabele en erg
vermoeiende overtocht. De schepen zijn absoluut niet uitgerust
om personen te vervoeren. Slapen doe je op het dek, en binnen
in het schip ga je altijd gebukt. Bij regen wordt je geheid
doornat, en wanneer de zon schijnt is het binnen in het
schip niet te harden. De hygiëne aan boord is meestal slecht,
sanitaire voorzieningen zijn er niet of nauwelijks, en afhankelijk
van de lading kan het aan boord flink stinken. Neem voldoende
proviand mee, want de maaltijden aan boord zijn uiterst
eenvoudig, en bestaan zonder uitzondering uit rijst met
vis. Hou er rekening mee dat bij ruwe zee een tocht op een
houten schuit wel eens een hachelijke onderneming kan zijn.
Reddingsvesten zijn aan boord vrijwel nooit aanwezig.
Rivierschepen
Kalimantan is het enige eiland waar rivierschepen voor
het binnenlands transport een belangrijke rol spelen. Op
Java en Sumatra is dit transport veel minder gebruikelijk,
en op de andere eilanden vrijwel afwezig.
|