De geschiedenis van Laos in vogelvlucht
 Vroege
geschiedenis
Over de vroege geschiedenis van Laos is weinig bekend.
Oorspronkelijk woonden hier Mon-Khmer volkeren, en zeker
is dat zuid-Laos deel is geweest van een groter Khmer rijk.
De Lao en andere Tai volkeren kwamen zo'n 750 jaar geleden
het land binnen druppelen vanuit China. Fa Ngoum, de eerste
koning van Laos, introduceerde het Therevada
Boeddhisme, een godsdienst die nog steeds door driekwart
van de Laotianen wordt aangehangen.
 Onder
Fa Ngoum's opvolgers maakte Laos een lange periode van vrede
mee en breidde het koninkrijk zijn macht uit tot grote delen
van Noord (-Oost) Thailand.
Maaar er waren ook nederlagen; de Birmezen vielen vanuit
het Westen binnen, en ook de Vietnamezen maakten op zeker
moment de dienst uit in Laos. Uiteindelijk splitste de erfenis
van Fa Ngoum zich in 1707 op in twee koninkrijken: Het koninkrijk
van Luang
Prabang en dat van Vientiane.
Champasak
was al langer een onafhankelijk koninkrijk. Andere gebieden
van het hedendaagse Laos, zoals Xieng Khouang en Muang
Singh, hebben geruime tijd aan Vietnam, Siam (Thailand)
en China toebehoord.
 De
Franse periode
Tegen het einde van de 19de eeuw hadden de Fransen de macht
over wat nu Laos, Cambodja en Vietnam is. Zij kozen Vientiane
als administratieve hoofdstad. In de Tweede Wereldoorlog
bezetten de Japanners Indochina, maar in 1946 claimden de
Fransen hun oude rechten als machthebbers. Terwijl Laos
drie jaar later een onafhankelijke staat binnen de Franse
Unie werd, schaarden dissidenten zoals de natIonalistische
verzetsbeweging van de Pathet Lao zich aan de kant van de
pro-Communistische Vietminh die in Vietnam tegen de Fransen
vocht.
Onafhankelijkheid
In 1953 viel de Pathet Lao Laos binnen en na een korte
oorlog hadden ze al snel grote delen van het land onder
controle. De oorlog eindigde door de Geneve Accoorden
van 1954, waarin Laos' onafhankelijkheid werd erkend. Een
coalitie-regering werd gevormd en in 1955 werd Laos lid
van de Verenigde Naties.
De Indochinese oorlogen
De VS en de Sovjet-Unie zorgden voor instabiliteit door
verschillende facties van de coalitie te steunen. Burgeroorlogen
volgden en in de jaren 60 werd Laos betrokken in de Vietnam
oorlog. Het Noord-Vietnamese leger gebruikte een netwerk
van paden in Noord- en Oost-Laos om voorraden naar hun troepen
in Zuid-Vietnam te brengen, de 'Ho Chi Minh-Trail' . Amerikaanse
bommenwerpers bestookten de trail en een geheim leger van
Hmong huurlingen hielp de Amerikanen met verkenningen. Uiteindelijk
zijn op Laos meer bommen gegooid door de Amerikanen dan
in de hele Tweede Wereldoorlog. Na de communistische overwinning
van 1975 in Cambodia en Vietnam werd op 2 December 1975
het Laotiaanse koningshuis ontbonden en de Democratische
Volksrepubliek Laos uitgeroepen.
 De
moderne tijd
De Lao Revolutionaire Volkspartij is nog steeds de enige
wettige politieke partij in Laos. De meeste oppositieleiders
verlieten samen met zo'n 400.000 vluchtelingen het land
in de jaren '70. Vietnamese troepen bleven tot 1990 in Laos
om het regime te steunen. Economisch gezien heeft het land
veel achterstand opgelopen, vooral tijdens de pogingen tot
collectivisering aan het einde van de jaren '70. Sinds 1986
heeft de overheid getracht de economie om te vormen naar
een markt-economie. Doordat hierbij de politieke invloed
op de economie ongewijzigd groot bleef is de economische
facelift maar ten dele gelukt. Nog altijd leeft het grootste
deel van de bevolking van zelfvoorzienende landbouw.
|