De Gosaikund meren
In een van de meren van Gosaikund staat een kleine, witte
rots midden in het water, die volgens de overlevering een
overblijfsel is van een oude Shiva tempel. Hierom is Gosaikund
een belangrijk bedevaartsoord. Ieder jaar bij volle maan
tussen half juli en half augustus komen duizenden pelgrims
baden in het heilige water van één der Gosaikundmeren. Zij
eren dan de hindoegod Shiva. Dat het water van de op 4380
meter hoogte gelegen Gosainkundmeren ijskoud is, is voor
de pelgrims geen probleem.
Vanzelfsprekend hebben de Gosainkundmeren hun verhaal.
Volgens gelovigen zijn de goden tijdens hun eeuwige zwerftocht
over de oceanen op zoek naar het onsterfelijke water. Het
was de god Shiva die een gifstroom in de zee ontdekte. Uit
angst dat deze stroom de goden zou vergiftigen dronk hij
hem zelf op. Het resultaat was veel pijn, dorst en een blauwe
verkleuring van zijn nek. Om te genezen bracht Shiva vervolgens
een bezoek aan Gosaikund. Hij plantte zijn drietand of 'Trisul'
in de rotswand, waardoor drie bronnen ontstonden. Het water
werd in lager gelegen bekkens opgevangen, de huidige meren
van Gosainkund, waarin Shiva zijn dorst kon lessen.
Rond het meren van Gosainkund zijn pelgrimshutten, waarin
je kunt overnachten.
|