Artvin
Klimaat/Economie
Artvin is de hoofdstad van de provincie Çoruh en ligt in
het oostelijk deel van het Zwarte
Zeegebied. Dit gebied heeft een klimaat dat vrijwel
alle seizoenen gelijk is. De winters zijn hier zeer mild
en staan toe dat de stad het hele jaar door letterlijk de
vruchten kan plukken van de fruitteelt. Daarnaast worden
ook thee en groente verbouwd.
De belangrijkste bron van inkomsten voor de stad vormen
echter de Murgul kopermijnen. Waar het woord Murgul vandaan
komt is niet bekend en van de betekenis ervan weet men even
weinig. Men vermoed dat het uit de Kaukasische taal afkomstig
is en hoogst waarschijnlijk uit het Georgisch dialect daarvan.
Het gebied rond Artvin wordt ook wel `Turks Georgië' genoemd.
De geschiedenis van Artvin
Na deel te hebben uitgemaakt van het rijk der Scythen
kwam de stad achtereenvolgens in handen van de Perzen, de
koningen van Pontus, het Romeinse rijk, de Parthen, de Sassaniden,
de Armeense en Georgische koninkrijken en de Byzantijnen.
De Seltsjoeken waren de volgende logées op deze indrukwekkende
gastenlijst van de stad. Het was voor de Seltsjoekse sultan
niet al te moeilijk bezit te nemen van het gehele gebied
rond Çoruh, zoals de stad tegenwoordig ook nog wel eens
genoemd wordt, nadat hij de Byzantijnen in 1071 bij Malazgirt
vernietigend had verslagen. Sultan Mehmet de Veroveraar
voegde Artvin toe aan het Osmaanse rijk. Hiermee brak een
relatief lange periode van rust voor de stad aan, welke
pas werd verstoord door de Turks-Russische oorlog van 1877-78.
Toen viel Artvin in handen van de Russische troepen. Uiteindelijk
werd de stad in 1918, na een bezetting van 40 jaar dus,
teruggegeven aan de Turken. Vreemd genoeg echter bepaalde
het verdrag van Sévres van 1920 de grenzen van Turkije zodanig
dat Artvin er buiten kwam te liggen. De Turkse nationalisten
onder aanvoering van Atatürk, die het verdrag ongeldig verklaard
hadden, wisten na harde gevechten de stad en het omringende
gebied voor hun jonge republiek terug te winnen.
De bezienswaardigheden
 Heb
niet te hoge verwachtingen van Artvin. De Salih Bey moskee
uit 1793 en een uit de 16de eeuw daterend kasteel vormen
naast enkele fraaie huizen, waaronder enige Russische, eigenlijk
de enige bezienswaardigheden in deze stad. Dit had anders
kunnen zijn wanneer de Turkse overheid wat meer waarde had
gehecht aan het behoud van de vele kerkjes in en om Artvin.
Zo heeft men bijvoorbeeld 20 jaar geleden de prachtige Armeense
kerk van de stad gesloopt om plaats te maken voor het gemeentehuis.
Dat dit nooit het geval zou zijn geweest wanneer het hier
om een oude moskee ging mag duidelijk zijn.
Rond de stad liggen wel verschillende hoge bergplateaus,
door de Turken Yayla genoemd, waar 's zomers het vee graast.
De herders hebben hier hun typische Yayla-huisjes. Overwinteren
doen ze in de dalen.
 Wandelend
over de Yayla is het heel goed mogelijk een eenzaam Georgisch,
Byzantijns of Armeens kerkje of klooster tegen te komen.
De meeste dateren uit de 9de eeuw en zijn gesticht door
Grigor Chandsteli en zijn volgelingen.
Het gebied rond Artvin telt zoveel oude kerkjes en kloosters
dat het ook wel eens het `Georgische Athos' wordt genoemd.
De geschiedenis lijkt wel aan deze gebouwtjes voorbij te
zijn gegaan, zo perfect zijn sommigen bewaard gebleven.
Artvin is dan ook enkel aan te raden als uitgangspunt voor
dagtochten in de omgeving. Je kunt overigens ook een taxi
of een dolmus huren voor een excursie naar de bossen boven
Artvin. Op een open plek in de bossen wordt eens per jaar
het traditionele Kafkasor stierengevecht gehouden. In tegenstelling
tot de Spaanse stierengevechten zijn het hier twee stieren
die hun krachten meten. Overigens verdienen dorpjes als
Yusufeli als uitgangspunt voor Turks Georgië bij de schrijver
dezes de absolute voorkeur.
Van Artvin naar het Cildirmeer
Hamamli
Een kleine 30 km ten oosten van Artvin ligt het kleine
dorp Hamamli, ook wel Dolisjhane genoemd. Na vanuit Artvin
linksaf richting Savsat geslagen te zijn gaat er linksaf
een weg richting Hamamli(6km) , rechts over de nieuwe brug
een betere weg naar Ardanuç (12km). De trekpleister van
Hamamli is de Georgische kerk uit 958, die tegenwoordig
als moskee dienst doet. Wanneer het gebedshuis dicht is
kun je de sleutel bij de imam in het huis ernaast halen.
De vroegere kerk heeft een kruisvormig grondplan en is tegenwoordig
in twee verdiepingen opgedeeld. Boven vindt de islamitische
eredienst plaats, de benedenverdieping wordt als stal gebruikt.
Hier kun je nog altijd de vage afbeeldingen van de apostelen
waarnemen, op de bovenverdieping zijn deze reeds lang geleden
onder een dikke laag kalk verdwenen. Op de zuidgevel prijkt
nog altijd een reliëf van de aartsengelen Michael en Gabriël.
 Ardanuç
Tegenover de afslag naar Hamamli ligt de afslag naar Ardanuç.
De weg voert door het dal van de Berta-suyu. Na 3 km kun
je op een rotspiek rechts van de weg de resten van een burcht
zien liggen. Ardanuç was de hoofdstad van de Georgiërs nadat
zij zich, bedreigd door de Arabieren, in de 8e eeuw hadden
teruggetrokken in de provincie Tao, zoals deze streek toen
heette.
Tegenwoordig is Ardanuç een dorp van 3500 inwoners waar
weinig meer herinnerd aan vroeger. Wel bevindt zich een
goed bewaard gebleven Georgische kerk, door de Turken de
Yeni Rabat genoemd, in de buurt van het plaatsje.
Savsat
Hoog boven het bergplaatsje Savsat torent de ruïne van een
Georgische burcht uit. In de burcht resideerden eens de vorsten
van de Chavchetien, een van de rijkjes die was ontstaan uit
de opsplitsing van Georgië in de 9de eeuw.
Na Savsat gaat de weg omhoog in de richting van de Çam Geçidi,
met zijn 2640 m een van de hoogste passen van Turkije. De
hoogste pas van het land, de Yalnizçam Geçidi, ligt slechts
tien meter hoger. Beide passen voeren over het Yalnizçam gebergte.
Helaas is het rechtstreekse traject Artvin-Cildirmeer in 1989
enkel voor dolmus of auto te berijden. De grote bussen moesten
de zuidelijke route volgen en dus eerst weer het hele stuk
terug om ter hoogte van Yusufeli linksaf richting Kars af
te slaan. De weg tussen Yusufeli en Artvin is overigens wel
een van de mooiste van Turkije.
Ardahan
Het plaatsje Ardahan (1780m) ligt op de rechteroever van
de Kuhra Nehri. Het kleine plaatsje wordt overschaduwt door
een reusachtige vesting met massieve vierkante torens aan
de andere kant van de rivier, die in de 16de eeuw onder
sultan Selim gebouwd is. De oude naam van het plaatsje is
Artan. De Russen hielden de stad tussen 1873 en 1921 bezet.
Ardahan heeft sterk onder het oorlogsgeweld geleden, hetgeen
valt te zien aan de grotendeels moderne bebouwing van de
plaats.
|