Het Meru Nationaal Park
 Het
Meru Nationaal Park is 822 vierkante kilometer groot en
heeft verschillende vliegveldjes. De Tana rivier loopt door
het park heen en mondt uit in de Indische Oceaan, vlakbij
Lamu.
In het Meru Nationaal Park leven grevy zebra’s, leeuwen,
luipaarden, neushoorns, olifanten en grote aantallen vogels.
Je kan hier een motorboot huren voor een expeditie over
de Tana-rivier. In het park leefden zes neushoorns met rangers,
ze werden dag en nacht bewaakt het was de attractie van
het park. ‘s Nachts werden ze in een kraal binnengehouden
voor de stropers natuurlijk weer voor de hoorns. Toch werden
vier neushoorns gedood door de stropers en twee werden later
overgebracht naar een andere plaats op een privé
ranch. Deze oerdieren zijn ook al een zeldzaamheid geworden,
alleen al omdat er op gejaagd wordt. Meerdere keren zijn
we in dit park geweest, in het begin zagen we zoveel giraffen,
waterbokken, olifanten, impala’s en leeuwen. We zaten
altijd op dezelfde camping met een goede sanitaire en perfecte
Bandas (huisjes) die je ook kon huren. Vlak voor je tent
liepen de waterbokken en de impala’s, vooral als je
aan het eind van de middag weer terug kwam van een safaritrip
zag je ze vlak bij de tenten lopen. We hebben altijd weer
genoten van dit grandioze uitzicht. Er was zelfs een plaats
om te koken. Regelmatig kwamen de rangers kijken of men
er geen rotzooi van zou maken, wat jammer genoeg toch nog
veel toeristen doen.
 Toen
de neushoorns gedood waren zijn we er nog een keer geweest
en het leek net of al de dieren vertrokken waren. Het gras
stond wel een meter hoog en we hebben alleen wat giraffen
zien lopen. Het was zo’n vreemd spookpark geworden.
Tot op heden begrijpen we niet wat hier gebeurd is. Inmiddels
zijn er meer Lodges en Bandas bijgekomen. Een ervan is Elsa’s
Kopje. Doorns zijn verschrikking in Afrika, elk bosje, elke
struik, elke boom, bijna elke grashalm en bloemen hebben
doorns. Ik kan er over meepraten. Ik liep op mijn slippers
(nooit meer doen) en kreeg aan mijn broek en in mijn voet
die verschrikkelijk doorns, oei dat deed zeer. Van mijn
broek gingen ze al bijna niet af en mijn voet was al aan
het zwellen met een pincet de doorns eruit gehaald. Jodium
erop en mank lopen. Op onze camping wilde ik water gaan
halen er stonden cementen bakken met een kraan die met een
touw vast zat, omdat de toeristen of het wild deze al bijna
kapot hadden gemaakt. We hebben de kraan gemaakt met elastiek,
dit hielp en de kraan kon je nu dicht draaien en uiteraard
weer open draaien. Dik elastiek hebben we altijd bij ons,
zelfs breed plakband. Er was ook een grote watertank, en
het water sijpelde gewoon de grond in. Zonde dacht ik, we
zijn naar de rangerspost gereden om dit te melden. Want
dit was echt verspilling van water. De rangers kwamen meteen
om dit euvel te verhelpen.
Zo heeft Philip met het sprokkelen van hout toen het al
bijna donker werd oog in oog gestaan met een python weliswaar
een kleintje, maar toch. De slang schrok eigenlijk want
ik had een tak in mijn hand en die gooide ik meteen naar
de slang. De slang was banger dan wij saampjes en droop
af. Laat nooit als je met de tent op safari gaat je schoenen
of laarzen buiten staan. Slangen en schorpioenen kruipen
daar namelijk in.
 Vijf
jaar leefde de familie Adamson in het Park Meru, samen met
hun welopgevoede leeuw Boy. George Adamson ontving grootheden
zoals: Ali McGraw, Alan Root, Elspeth Huxley, Louis Leakey,
Ian Douglas-Hamilton, Prins Bernhard, Prins Philip, Candice
Bergen en David en Daphne Sheldrick.
Bernhard Grzimek kwam vaak in het Meru Nationaal Park om
George en Joy te helpen. In het kamp werden ze meerdere
malen lastiggevallen door schorpioenen, cobra’s, adders,
mamba’s en pythons. Want toen hadden ze nog geen goede
tenten, de slangen konden zo onder de tent door kruipen.
Er zijn meerdere films gemaakt van George en Joy Adamson,
waaronder “The Lions are Free”, “Born
Free” en “Elsa”.
De leeuwen van George, Boy en Girl werden in de film “Born
Free” als figuranten gebruikt. Nog een dier was een
klipdas, het huisdier van Joy, genaamd Pati, Pati.
Heel veel leeuwinnen en leeuwen lopen nu in de vrije natuur
en hebben al lang voor het nageslacht gezorgd. In Kenia,
maar ook in Tanzania zijn ze uitgezet.
Joy ging na vijf jaar leven in Shaba Nationaal Reservaat
en George verhuisde naar Kora Nationaal Reservaat.
vorige
reisverslag | volgende
reisverslag
|